1. Laaggeletterdheid

Laaggeletterdheid en beperkte gezondheidsvaardigheden

2,5 miljoen mensen in Nederland van 16 jaar en ouder hebben moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Dit noemen we laaggeletterdheid. Voor deze mensen zijn alledaagse handelingen zoals e-mailen, het lezen van een afsprakenbrief of het lezen van een bijsluiter bij een medicijn een hele opgave. Tweederde van de mensen die laaggeletterd zijn, heeft een Nederlandse achtergrond.

Verschillen in gezondheidsvaardigheden zijn groot

Taal en gezondheid hebben veel met elkaar te maken. Onderzoek toont aan dat de gezondheidssituatie van mensen die geen moeite hebben met lezen en schrijven in veel opzichten beter is dan die van mensen die daar wel moeite mee hebben. Laaggeletterden missen namelijk vaak de vaardigheden om goed om te gaan met informatie over gezondheid, ziekte en zorg. We noemen dit beperkte gezondheidsvaardigheden. De gevolgen voor hun gezondheid zijn groot. Uit landelijk onderzoek blijkt dat laaggeletterden een grotere sterftekans hebben, vaker chronisch ziek zijn, een groter zorgverbruik en slechtere gezondheidsuitkomsten hebben. Laaggeletterdheid kost de samenleving veel geld. Op jaarbasis is hiermee een bedrag gemoeid van 556,4 miljoen euro. Hiervan komt 127 miljoen euro ten laste van de gezondheidszorg.

Als mProve ziekenhuizen richten we onze communicatie zodanig in dat het contact met patiënten en bezoekers die moeilijk(er) kunnen lezen en schrijven verbetert. We delen kennis en ervaring en trainen gezamenlijk onze zorgverleners en geven hen handvatten voor in de spreekkamer. Ook ontwikkelen we gezamenlijk middelen om de moeilijk begrijpelijke medische informatie toegankelijk te maken voor laaggeletterden.

Meer informatie

Wilt u meer weten over het mProve project 'Laaggeletterdheid en beperkte gezondheidsvaardigheden'? Denkt u graag mee? Neem dan contact op met onze werkgroep, via projectleider Daniëlle van de Beurcht. Dat kan via onderstaand contactformulier.

Contactformulier

“Het herkennen van laaggeletterdheid en het bespreken ervan met de patiënt kan enorm veel gezondheidswinst opleveren.”